2e Stortemelkrace Veere

zaterdag 14 maart 2009 om 10:47 uur

Veere, 14 maart 2009

Het is een regenachtige zaterdagochtend, typisch zo’n dag om niks te doen en dan zijn er toch mensen die er plezier in hebben om in een roeisloep te gaan zitten. Dikkertje was (met behulp van afdeling transport van IHC) de laatste training al uit het water gehesen en op de trailer gezet. Ze was dus klaar om af te dalen naar het niet-zo-zonnige-zuiden. Zaterdag 14 maart j.l. hebben de heren en een dame namelijk deel genomen aan de “2e Stortemelkrace Veere”.

Het was de eerste wedstrijd van dit nieuwe seizoen, de bemanning had niet al te veel trainingen achter de rug en ook de bootindeling was nog niet zo heel lang bekend. Voor Dirk-Jan Pull ter Gunne en voor de stuurman was het zelfs de allereerste wedstrijd in Dikkertje. Beide hadden nog nooit in een deze sloep gezeten. Gelukkig kon Dirk-Jan rekenen op mentale ondersteuning en tactisch advies van zijn buurvrouw Barbara Eizinga welke ondertussen deel uit maakt tot de meer ervaren bemanningsleden.

Vanaf de jachthaven werd er door alle 21 deelnemers opgeroeid richting de Campveerse toren alwaar de start en de finish gesitueerd waren. Een prima stukje om even lekker warm te roeien dus. Er werd drie om drie gestart met 2 minuten tussen de verschillende startgroepen en Dikkertje zat in de tweede. Naarmate de start dichter bij kwam namen de zenuwen toe en de spanning was om te snijden. Het startschot werd gegeven samen met het eerste “GELIJK” van de stuurman,… velen zouden volgen. De komende 11,5 km stond er nog maar 1 activiteit op de planning: roeien.

De twee directe concurrenten uit de startgroep werden vrij snel zoek geroeid, vanaf meet af aan werd er keurig gelijk geroeid en al snel kwam Dikkertje goed op gang en gleed ze schitterend door het water (dat iets wat zo dik is toch een zekere gratie van subtiliteit bezit?!). De inzittenden waren volledig geconcentreerd, er werd keurig met het tellen van de stuurman meegeroeid en de jacht werd ingezet. De jacht op de drie sloepen van de eerdere startgroep welke steeds dichter bij kwamen. De eerste sloep werd ingehaald en dit koste niet heel veel tijd. Ook de tweede boot werd nog voor het eerste eiland (de Mosselplaat) gepakt. Ten noorden van het eiland werd ook de (tot dat moment op kop lopende) derde sloep gepakt. Omdat de stuurman zo brutaal was geweest om binnendoor op te lopen (wat in de regel niet mag) denderde Dikkertje zij aan zij met de concurrerende damesboot op een krib af. Om een onnodig slagveld te voorkomen droeg de stuurman de bemanning op om te beginnen met sprinten. Er werd wat sneller geteld en Dennis de Jong en Lauren de Jonge (welke zich niet liet kennen door kleine pijntjes welke hij had over gehouden aan het IJshockey en gewoon mee deed) zette er een tandje bij. De rest van de boot volgde deze uitstekende leiders. Door het oog van de naald glipte Dikkertje tussen het dunne gaatje welke gevormd werd door de krib en de damessloep door. Sinds de start waren er goede zaken gedaan en vanaf dit moment lag Dikkertje op kop en stiekem werd een vermoedde geboren: dit zou nog wel eens iets kunnen worden.

Dit was te merken,…vanaf het eerste doft tot en met het laatste werd er als een bezetene getrokken aan de riemen. De mosselplaat werd gerond en ondanks de waarschuwingen tijdens de stuurmansbriefing werd er op scherp tussen de mosselplaat en de schutteplaat (eiland nr.2) door gestuurd. Zo scherp dat vrijwel alle 10 riembladen de bodem van het Veerse meer raakten. Er kon geen platvis meer tussen de kielbalk en het zand door en zenuwachtig achteromkijkend constateerde de stuurman dat de nr.2 van het veld de weg wel kende en keurig om de ondiepte heen stuurde. Gelukkig werd na een slopende 20 meter dan eindelijk het verlossende “vrij” geroepen door de op doft 4 zwoegende Wouter Jongkind en zijn doftmaat Roel Bouckaert welke beide toch echt enige tekenen van zweet vertoonden.

Ook de Schutteplaat werd gerond en toen er tussen eiland nr.2 en 3 door, met de wind mee, naar het oosten geroeid werd, werd het tijd voor het eerste rondje uit. Na een half uur roeien kregen alle doften een voor een een minuutje rust welke gebruikt kon worden om wat te eten, te drinken en snel de armen en handen te strekken zodat er weer wat bloed kon vloeien op de plekken waar het al een tijdje niet meer geweest was. Met vers bloed en een beetje energiedrank in de maag ging de voltallige bemanning er nog eens een keer flink tegenaan. Henk Willem Sanders en Nico van Ruiven ontpopten zich als een ware Caterpillar dieselmotor. Langzaam warm laten draaien, maar eenmaal op gang zit er dan ook de kracht en het uithoudingsvermogen waar menig hoofdmachinist meer dan tevreden mee zou zijn als aandrijving voor zijn schip.

Het was een erg lang stuk in de luwte van de Haringvreter, maar ook dit eiland moest gerond worden. In het eerste stuk werd er een aanzienlijk gat geslagen met de rest van het veld. Dikkertje lag nu meer dan duidelijk op kop en het was duidelijk waar ze goed in is. Wellicht is ze wat zwaar, groot en niet gemakkelijk manoeuvreerbaar, maar eenmaal op gang in ruim water is ze niet meer te stoppen. Toch kon niet verkomen worden dat men moe werd en de volledige bemanning leek wat in te kakken. De stuurman deelde mee dat ze pas halverwege waren en dit niet het moment was rustig aan te doen, dit werd hem zeker niet in dank afgenomen. Toch had ook dit eiland een einde en toen Dikkertje haar neus om dit hoekje stak werd pas duidelijk hoe windstil het in de luwte kan zijn.

We gingen recht tegen de wind in naar het westen. De (normaal rechtopstaande) hulpboeien die door de wedstrijdleiding waren neergelegd lagen zo plat in het woelige water, dat ze amper te zien waren. Nu was ook het nadeel van haar grote omvang merkbaar en met veel kracht moest ze door de wind heen getrokken worden. Het tempo verdween en men had het zichtbaar moeilijk met deze taaie kluif. Om er voor te zorgen dat een ieder het slagtempo met het juiste ritme volgde en om elkaar moed in te schreeuwen werd er nu in plaats van door 1 persoon door 11 kelen luidkeels geteld. Daar gingen we weer de extra kracht was merkbaar en de snelheid kwam weer terug in de boot.

De punt van het eiland werd gerond en we mochten (gelukkig) weer richting het noorden. De wind van de zijkant is toch beter dan vol op de boeg. Ietswat tegensturend en driftend door de wind, werd koers gezet naar het gat tussen het tweede (Schutteplaat) en derde eiland (Haringvreter). Het stuk wat we net naar het zuiden hadden geroeid moest nu in de volle wind aan lagerwal weer langs het grootste eiland naar het noorden geroeid worden. Er was een uur geroeid en we moesten nog een stukje dus werd er gekozen voor een tweede pauze moment. Iedereen kreeg wederom twee aan twee de mogelijkheid zich voor een klein momentje met iets anders bezig te houden dan roeien.

Dikkertje lag nog steeds aan kop maar aan de ogen van John Boer kon de stuurman al zien dat dit niet lang meer ging duren. Hij was erg druk met het kijken naar hetgeen op kwam zetten aan het roer van Dikkertje. Na meer dan een uur roeien waren de snelle modellen toch akelig dichtbij gekomen.

Ondanks de wens van alles en iedereen aan boord gebeurde het toch. Dikkertje werd gepakt. Door twee boten tegelijk nog wel. Aan bakboordzijde van John zat Wijnand Stam. Waar ze het vandaan haalde wist niemand, maar blijkbaar was het pure woede wat voor nog een laatste krachtsexplosie zorgde. Makkelijk gaf niemand in deze boot zich gewonnen en mede dankzij het Armageddon wat zojuist los was gekomen werd er kranig weerstand geboden aan boten met de helft van de breedte en nog geen derde van de hoogte van Dikkertje. Soms is ook het leven van een dik bootje oneerlijk.

Achter de twee nieuwe koplopers aan werd de Schutteplaat als laatste gerond. Zo scherp dat zelfs heel bakboord zijn riem langszij moest laten lopen om de laatste boei niet te raken. De finish lijn kwam in zicht. Echt netjes zag het er niet meer uit maar dat was in dit stadium ook zeker niet meer nodig. Het aller- allerlaatste beetje energie wat er nog in zat mocht er uit. Vanuit de kleine teen werd het gehaald. Er werd gezucht, gestuund, gekreund, gezweet en hier en daar was zelfs een heel klein traantje te bespeuren. Iedereen ging er voor. Op boeg zat Barbara Eizinga geluiden te maken welke zelden door iemand gehoord zijn. Dirk-Jan vroeg zich af waarom hij hier ooit aan begonnen was. Zo robust als wat gaven Dennis en Laurens nog steeds het slagtempo aan. De blaren op de handen van Nico scheurden open en er kwam zoveel vocht uit dat dit weg gehoosd moest worden. De enige goede motivatie die er voor John, Wijnand en Henk Willem nu nog was, was het bier aan het eind van de wedstrijd. De stuurman was zijn stem verloren maar wist nog net schreeuwen dat het tijd werd voor een alles-vernietigende eindsprint. Het werd zo erg dat Roel in eens niets meer zag wat ook wel zou kunnen kloppen gezien hij al 15 meter lang zijn ogen stijf dichtgeknepen had en zo dicht als zijn ogen zaten, zo ver stond de mond van zijn doftmaat Wouter open om naar lucht te happen als een vis op het droge.

Met al haar élégance gleed ze over de lijn. Eindelijk klonk het finishsignaal. Het zat er op. Op 10 posities dook men voorover in een om bij te komen van alles wat ze gegeven hadden. Gelukkig was er een bootje waar heerlijke Zeeuwse likeurtjes werden uitgedeeld waardoor de pijn zeer snel vergeten werd. Ook toen we eenmaal vast aan de wal lagen werd er nog steeds nagenoten van de geweldige prestatie en uiteraard hoorde daar een welverdiend biertje bij. Het is dus ook overbodig te melden dat het terugroeien naar de botenkraan van de jachthaven iets langzamer ging dan de heenweg. Maar eenmaal daargekomen stond Dikkertje toch vrij snel op de trailer en kon een ieder genieten van een heerlijk visje, een erwtensoep en een paar lekkere broodjes. Uiteraard werden de nodige biertjes genuttigd en frisjes door de onbeschonken bestuurders.

“Wat zouden we gedaan hebben?”

“Het ging wel lekker he?!”

Dat waren de teksten welke klonken tijdens het nagenieten. En toen was het zover…de prijsuitreiking: DIKKERTJE WAS DERDE. Haar eerste beker. Wie had dat durven dromen? Wij weten het nog steeds niet. Wat we wel weten is dat het een schitterende dag was en een mooie wedstrijd om te roeien. Onze dankbaarheid is dan ook groot naar alles en iedereen die hier aan bijgedragen heeft op welke manier dan ook. De eerste beker is binnen en wie weet hoeveel er nog volgen. Dikkertje heeft haar koers gezet…haar koers naar een volle prijzenkast.

« Terug naar overzicht

© 2015 - 2018 | Sloeproeivereniging Dikkertje Krimpen a/d Lek